Centrale doelstelling en strategie
De centrale doelstelling van de ondersteunende prioriteit "Kennis voor biodiversiteit"is het optimaal gebruiken van bestaande kennis en het verwerven van nieuwe kennis ter ondersteuning van het nationale en internationale biodiversiteitsbeleid en de uitvoering daarvan.
Om deze doelstellingen te realiseren volgt het kabinet de volgende strategie:
- bundelen van beschikbare departementale kennismiddelen en -instrumenten en deze gecoördineerd inzetten op de terreinen van de prioriteiten van het Beleidsprogramma "Biodiverssiteit werkt voor natuur voor mensen voor altijd",
- opstellen van aanvullende onderzoeksagenda's voor de inhoudelijke prioriteiten van het beleidsprogramma, in samenwerking met maatschappelijke partijen;
- continueren of versterken van bestaande initiatieven voor het verzamelen, bundelen, diitaliseren, opslaan en ontsluiten van biodiversiteitsgegevens; en
- benutten en stimuleren van internationale kennisnetwerken ter verbetering van kennisontsluiting en -gebruik.
Uitvoeringsagenda
Beleidsondersteunend onderzoek
Wageningen Universiteit (WUR) heeft een belangrijk aandeel in lopend beleidsondersteunend onderzoek dat betrekking heeft op alle inhoudelijke prioriteiten van het beleidsprogramma. Dit betreft nationaal en internationaal georiënteerd onderzoek. Nationaal georiënteerd onderzoeksprogramma's ondersteunen de realisatie van ecologische netwerken (EHS en Natura 2000). Hiervoor is in 2009 6,8 miljoen euro beschikbaar op de begroting van LNV. Voor het internationale onderzoek is voor de prioriteiten "Handelsketens en biodiversiteit: , "Mariene biodiversiteit en visserijketens" en "Ecologische netwerken" 650.000 euro beschikbaar op de begroting van LNV voor 2009. In het WUR-BuZa/OS-partnership Copeting claims 2005-2010, dat oonder meer gericht is op de houtketen, wordt jaarlijks 1 miljoen euro geïnvesteerd vanuit de begroting van BuZa/OS.
Het meerjarenprogramma ter ondersteuning van de "Bossenbeleidsagenda 2008-2012", uitgevoerd door de Stichting Tropenbos Internationaal, levert inzet op de prioriteiten "Handelsketens en biodiversiteit" en "Betalen voor biodiversiteit". Hiervoor zijn bij BuZa/OS en bij LNV respectievelijk 2 miljoen euro en 150.000 euro per jaar beschikbaar.
Het PROTA-programma (PROTA: Plant Resources of Tropical Africa) bundelt en ontsluit kennis over de omvangrijke diversiteit aan nuttige planten van het Afrikaanse continent en levert output ten behoeve van kennisoverdracht en -benutting en capaciteitsbouw. Op de begroting van LNV is hiervoor 200.000 euro per jaar beschikbaar.
De financiering van de programma's van CIFOR (Centre for International Forestry Research), ICRAF (International Centre for Research in Agroforestry), IWMI (International Water Management Institute) en Biodiversity International dragen bij aan de kennisinfrastructuur op het gebied van biodiversiteit en komen tegemoet aan de behoeften aan kennis over biodiversiteitsbehoud en armoedebestrijding. BuZa/OS draagt hier ongeveer 3,5 miljoen euro per jaar aan bij.
Beleidsondersteunend onderzoek draagt bij aan de prioriteit "Biodiversiteit werkt" wordt uitgevoerd door het RIVM, TNO/Deltares en de Technische Commissie Bodembescherming. Op de begroting van VROM is hiervoor 600.000 euro beschikbaar in 2009. CML onderzoekt de benutting van ecosysteemdiensten en de adaptatie aan klimaatverandering, waarvoor VROM 700.000 euro beschikbaar heeft.
In het kader van het Small Business Innovation Research-programma (een initiatief van EZ in samenwerking met LNV, VenW, Defensie, VROM OCenW en VWS, gericht op kleine en middelgrote bedrijven (bereidt SenterNovem een op biodiversiteit gerichte call voor die op 30 maart 2009 geopend wordt. In deze call zal de minister van LNV ondernemenrs oproepen om voorstellen in te dienen voor innovatieve producten, processen en diensten die bijdragen aan het behoud van biodiversiteit in Nederland en daarbuiten. LNV heeft 3,4 miljoen euro beschikbaar voor de komende vier jaar.
Kennisagenda's
Departementen bundelen beschikbare departementale kennismiddelen en -instrumenten waar nodig en mogelijk en zetten die gecoördineerd in op de terreinen van de prioriteiten van het beleidsprogramma. Daartoe zijn of worden voor de inhoudelijke prioriteiten (of deelterreinen daarvan) kennisagenda's onwikkeld die het uitgangspunt vormen voor samenhangende, vraaggestuurde onderzoeksprogrammering.
Gerealiseerd zijn de kennisagenda's voor de prioriteiten "Mariene biodiversiteit en visserijketens" en "Ecologische netwerken" (flyway conservation of migratory birds). Lopende en geplande kennisagenda's betreffen: "Ecologiscge netwerken" (PEEN), "Betalen voor biodiversiteit", "Handelsketens en biodiversiteit" (biomassa en veen) en "Biodiversiteit werkt" (duurzaam gebruik ondergrond). Deze kennisagenda's worden gerealiseerd binnen lopende onderzoeksprogramma's, via uitbesteding op basis van departementale onderzoeksmiddelen, dan wel vanuit het budget dat beschikbaar is voor ondersteuning van de werkzaamheden van de TAskforce Biodiversiteit en Natuurlijke Hulpbronnen en het interdepartementale programmateam.
Biodiversiteitscollecties en onderzoeksinfrastructuur
Het Nederlandse Centrum voor Biodiversiteit (NCB) wil de grote nationale speler worden in de kennisinfrastructuur op het terrein van de biodiversiteit. Het NCB zal expertisediensten uitvoeren in verband met de opgaven binnen het Nederlandse Biodiversiteitsbeleid, zoals omschreven in het Beleidsprogramma "Biodiversiteit werkt voor natuur voor mensen voor altijd". De ruggengraat van het NCB wordt gevormd door de samen te brengen biodiversiteitscollecties van Nederland. Het gaat hierbij om: de plantencollecties van het Nationaal Herbarium Nederland (NHN); de zoogdierencollecties van het Zoologisch Museum van de Universiteit van Amsterdam; en de planten-, dieren-, fossielen- en gesteentecollecties van het Nationaal Natuurhistorisch Miseum Naturalis.
Naast de bestaande financiering van OCenW van onderdelen van het toekomstige NCB (Naturalis, NHN, universitaire collecties) is door OCenW een structurele financiering van 5 miljoen euro per jaar toegekend.
NLBIS is het Nederlandse knooppunt van de Global Biodiversity Information Facility (GBIF). in 2008 heeft OCenW de bijdrage aan NLBIF verhoogd van 350.000 naar 550.000 euro per jaar. In de vergaderingen van GBIF zal het kabinet de prioriteiten van het Beleidsprogramma "Biodiversiteit werkt voor natuur voor mensen voor altijd" onder de aandacht brengen.
Evalueren en verkennen: planbureauonderzoek
Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) voert beleidsevaluaties en -verkenningen uit op het gebied van natuur en milieu. De Natuurbalansen, de Milieubalansen, de Natuurverkenning 2011, de Nationale Ecosystem Assessment en thematische assessments, leveren de komende jaren producten op die ondersteunend zijn aan de realisering van de prioriteiten van het beleidsprogramma. Op het beleidsprogramma toegesneden onderwerpen zijn: ecosysteemdiensten, ecologische voetafdruk, agrobiodiversiteit en klimaatverandering, biodiversiteit en ruimte.
These items will be permanently deleted and may not be recovered. Are you sure?