Deze site maakt gebruik van cookies om te functioneren zoals verwacht. Door verder te gaan, gaat u akkoord met onze cookie policy.
Accepteren en sluiten

Folder Anders consumeren

We leven op veel te grote voet. Elke Nederlander legt beslag op 4 hectare grond (hier en elders op de wereld). Als de ruimte eerlijk verdeeld zou zijn over de inwoners van deze wereld, zouden wij slechts 1,8 ha tot onze beschikking hebben (onze Fair Earth Share).

Dierlijke levensmiddelen als vlees en zuivel, maar ook plantaardige vetten, koffie en thee hebben een groot landbeslag. Het verbouwen van bijvoorbeeld soja (voor veevoer) en palmolie (voor voedingsmiddelen en cosmetica) gaat vaak ten koste van het tropisch regenwoud. Door minder dierlijke eiwitten en plantaardige vetten met een groot landbeslag kunnen wij onze ecologische voetafdruk verminderen. We kunnen het consumentengedrag beïnvloeden met voorlichting (certificering), prijsprikkels, fiscale instrumenten en normstellende wetgeving. De Taskforce brengt de beste methoden in kaart om de ecologische voetafdruk door de consumptie van vernieuwbare natuurlijke hulpbronnen in 2050 te beperken tot onze Fair Earth Share.

Dierlijke eiwitten

Vlees en zuivel vormen een belangrijk bestanddeel van ons menu. En het eetgedrag in de opkomende economieën gaat steeds meer op dat in het Westen lijken. Dit terwijl 18% van het wereldwijde broeikaseffect voortkomt uit de vraag naar dierlijke eiwitten. Oorzaken zijn het energieverbruik in de ketens (transport van veevoer en vlees, verpakkingen etc.) maar ook de uitstoot van methaan door rundvee. Daar komt bij dat het aantal hectares landbouwgrond dat nodig is voor de productie van dierlijk eiwit groot is. Hierbij gaat het vooral om weidegronden en sojaplantages voor de productie van veevoer. Met name in Zuid-Amerika is dit een probleem. Een ander consumptiepatroon vermindert de druk op de biodiversiteit. Om dit te bereiken pleiten verschillende maatschappelijke organisaties voor verhoging van de BTW op vlees van 6 naar 19%. Dit kan consumenten stimuleren minder dierlijke eiwitten te nuttigen. Een andere optie is een accijns op vlees in de vorm van een vaste heffing per kilo. Het gaat hier om een lastig dilemma, omdat duurder vlees ongunstige gevolgen kan hebben voor de economisch belangrijke vleessector in ons land. Ook kan het de prikkel voor boeren om hun vlees- en zuivelproductie te verduurzamen verminderen.

Certificering

Certificeringssystemen, meestal herkenbaar aan keurmerken, bieden de consument handelingsperspectief. Zij kunnen mensen bewegen om te kiezen voor duurzame artikelen. Voorbeelden zijn de Forest Stewartship Council (FSC) voor hout, de Marine Stewartship Council (MSC) voor vis en Fair Trade voor producten uit ontwikkelingslanden. Voor mensen die bij hun boodschappen rekening willen houden met biodiversiteit is er weinig informatie beschikbaar (een uitzondering is de Viswijzer) en geen speciaal keurmerk. Certificeringssystemen hebben ook nadelen: het is een vrijwillig instrument en er zijn er al vele op de markt. Door dat laatste kunnen consumenten, maar ook bedrijven de weg kwijt raken. Een mogelijkheid is de criteria met betrekking tot biodiversiteit binnen bestaande systemen aan te scherpen. Dit past in de trend van bredere keurmerken, die meerdere duurzaamheidsaspecten bestrijken. Een aantal keurmerken kent al criteria voor biodiversiteit. Meestal ligt hierbij de nadruk op het beperken of compenseren van de schade, zoals in het geval van de Rainforest Alliance en de Forest Stewartship Council.

Peen, Preek of Zweep

Wie neemt het voortouw bij gedragsverandering? Overheid, bedrijfsleven of de burger zelf? Een dilemma breed uitgementen.

PDF Peen, Preek of Zweep Download